Standplaatstaxi's

Gemeente ›› Taxi en VVB ››
Parent Previous Next

Reglement inzake de standplaatstaxi’s

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1. Situering en toepassingsgebied

In aanvulling op de Vlaamse taxiregelgeving stelt dit reglement specifieke gemeentelijke voorschriften vast voor de machtigingen voor standplaatstaxi’s op het grondgebied van de gemeente Middelkerke.

Dit reglement herhaalt niet alle bepalingen van de genoemde Vlaamse regelgeving. Het herhaalt ook geen voorschriften uit de verkeerswetgeving, technische normen, enzovoort. Het moet daar dus steeds samen mee gezien en in acht genomen worden.

Hoofdstuk 2. Machtigingsaanvraag

Artikel 2.

Niemand mag zonder gemeentelijke machtiging voor de exploitatie van een dienst voor individueel bezoldigd personenvervoer vanaf een standplaats op de openbare weg die daarvoor voorbehouden is (hierna verder genoemd de machtiging), gebruik maken van de taxistandplaatsen op de openbare weg die zich op het grondgebied van Middelkerke bevinden.

Artikel 3.

De machtiging wordt slechts afgegeven aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon die hetzij een taxivergunning heeft, hetzij samen met de machtigingsaanvraag een taxivergunning aanvraagt.

Artikel 4.

De machtiging wordt aangevraagd bij het College van Burgemeester en Schepenen. Het model van het aanvraagformulier is gevoegd als bijlage 1 bij dit reglement.

Artikel 5.

In de machtigingsbeslissing van het College van Burgemeester en Schepenen wordt aan elk voertuig een identificatienummer toegekend. Elk identificatienummer kan slechts eenmaal worden toegewezen.

De exploitant ontvangt pas machtigingskaarten nadat hij van elk vergund voertuig de aankoopfactuur, de verzekeringspolis, het keuringsbewijs en het kentekenbewijs heeft voorgelegd.

Artikel 6.

Onder de voorwaarden vastgesteld door de gemeenteraad in dit reglement wordt de machtiging of de hernieuwing van de machtiging op het grondgebied van Middelkerke uitgereikt door het College van Burgemeester en Schepenen binnen vijfenveertig kalenderdagen vanaf de dag waarop de aanvraag volledig is. Als het bevoegde college gedurende de voormelde termijn niet zetelt, wordt de termijn verlengd tot maximum zestig kalenderdagen. De weigeringsbeslissingen worden aan de aanvrager betekend.

De machtiging omvat de toelating voor het stationeren op eender welke standplaats op de openbare weg in de gemeente Middelkerke die voorbehouden wordt voor de taxi’s.

De houder van een machtiging kan op geen enkel ogenblik en op geen enkele manier een schadevergoeding eisen van de gemeente Middelkerke, wanneer taxistandplaatsen heringericht, verwijderd, verplaatst worden, tijdelijk niet inneembaar zijn, eventueel om redenen van openbare orde of openbaar nut.

Artikel 7.

Het College van Burgemeester en Schepenen levert maximaal het aantal machtigingen af als het aantal taxivoertuigen dat de aanvrager in exploitatie heeft en waarvoor hij dus over taxikaarten of vergunningskaarten beschikt.

Er worden twee machtigingskaarten uitgereikt per voertuig waarvoor een machtiging wordt verleend, volgens het model opgenomen als bijlage 2 bij dit reglement.

De machtigingskaarten worden in het voertuig bevestigd, onderaan rechts op de achterruit en aan de rugleuning van de voorste passagierszetel.

Artikel 8.

De duur van de machtiging valt samen met de duur van de taxivergunning en kan de duur van de taxivergunning niet overschrijden.

In afwijking van het eerste lid kan het College van Burgemeester en Schepenen gemotiveerd, wegens bijzondere omstandigheden, een machtiging voor een kortere duur dan de vergunning verlenen.

Een aanvraag tot hernieuwing van de machtiging moet, samen met alle vereiste bijlagen, ten minste twee maanden vóór het verstrijken van de machtiging , aan het college van burgemeester en schepenen overgemaakt worden.

Artikel 9.

Het College van Burgemeester en Schepenen kan het maximum aantal machtigingen bepalen.

Artikel 10.

De machtiging is persoonlijk en onoverdraagbaar.

Na een voorafgaande toelating van het college mag de echtgeno(o)t(e) of de duurzaam samenwonende partner of mogen bloed- of aanverwanten tot de tweede graad bij overlijden of permanente arbeidsongeschiktheid van de houder van de machtiging, onder dezelfde voorwaarden het gebruik van de taxistandplaatsen voortzetten tot het einde van de in de machtiging gestelde termijn.

Een rechtspersoon kan de machtiging van een natuurlijk persoon die houder is van een machtiging voortzetten wanneer deze houder zijn machtiging inbrengt in deze rechtspersoon die hij opricht en waarvan hij de meerderheidsvennoot is, alsook de zaakvoerder.

Artikel 11.

De machtiging dient afgehaald te worden binnen de drie maanden vanaf de datum van de beslissing van het College van Burgemeester en Schepenen. Na deze termijn vervalt de machtiging.

Artikel 12.

Bij een met redenen omklede beslissing van het College van Burgemeester en Schepenen kan de machtiging ingetrokken of voor een bepaalde duur geschorst worden of kan de hernieuwing van de machtiging worden geweigerd:

1° indien de exploitant de machtigingsvoorwaarden van dit reglement niet naleeft;

2° indien de exploitant om om het even welke reden (schorsing, intrekking, vrijwillige stopzetting…) niet langer over een taxivergunning beschikt.

Artikel 13.

Tegen de in artikel 12 genoemde beslissingen, of in voorkomend geval bij ontstentenis van beslissing binnen de termijnen bepaald in artikel 6, kan een herzieningsaanvraag ingediend worden bij het College van Burgemeester en Schepenen. De herzieningsaanvraag moet worden ingediend met een beveiligde zending binnen vijftien kalenderdagen na de betekening van de weigering of binnen vijftien kalenderdagen na de datum waarop de termijnen bepaald in artikel 6 verstrijken die op de indiening van de aanvraag volgen.

Daarop organiseert de gemeente binnen de dertig kalenderdagen een hoorzitting.

Als daarna de beslissing van het College van Burgemeester en Schepenen wordt bevestigd, kan een beroep ingesteld worden bij de Raad van State.

Hoofdstuk 3 – Gebruik standplaatsen

Artikel 14.

Het aantal voertuigen dat aanwezig is op een bepaalde standplaats op de openbare weg, mag in geen geval het aantal beschikbare plaatsen overschrijden.

Hoofdstuk 4 - Tarieven

Artikel 15.

Bij vertrek van op de taxistandplaats met een klant moet de taxameter steeds in werking gesteld zijn.

Artikel 16.

De tarieven moeten zichtbaar uitgehangen worden in het voertuig waarvoor de machtiging geldt.

Hoofdstuk 5 – Bijkomende machtigingsvoorwaarden

Artikel 17.

De carrosserie en de cabine van de voertuigen bevinden zich in goede staat. Ze bieden de nodige kwaliteit, comfort en netheid.

Voor nieuwe machtigingsaanvragen na de datum van 01.01.2025 komen enkel zero-emissie voertuigen in aanmerking.

Artikel 18.

Elk voertuig dat ingezet wordt als standplaatstaxi dient uitgerust te zijn met een taxilicht op het dak van het voertuig zodat het herkenbaar is als een taxi gemachtigd om te stationeren op de voorbehouden standplaatsen op de openbare weg op het grondgebied van de gemeente Middelkerke

Als het voertuig vrij is, brandt het taxilicht. In alle andere gevallen brandt het taxilicht niet.

Artikel 19.

Elke vorm van reclame of affichering op de voertuigen is in principe verboden.

Enkel de naam en/of het logo van de eigen taxi-exploitatie kan worden aangebracht. Reclame of affichering in het voertuig wordt toegestaan, op voorwaarde dat het niet zichtbaar is aan de buitenkant van het voertuig.

Het aanbrengen van reclame wordt enkel toegelaten onder volgende voorwaarden:


Artikel 20.

Vanaf 01 januari 2025 wordt voor voertuigen alleen een machtiging verleend als ze voldoen aan zero emissie. Dit geldt zowel voor lopende als voor nieuwe machtigingen.

Artikel 21.

De houder van een machtiging dient zijn bestuurders te wijzen op volgende verplichtingen:


In hun betrekkingen met het publiek zullen de vergunninghouder en zijn personeel zich uitsluitend van de Nederlandse taal bedienen, tenzij mocht blijken dat de klant deze taal niet of niet voldoende machtig is.

Hoofdstuk 6 – Maatregelen en Sancties

Artikel 22.

Bij de vaststellingen van overtredingen op dit reglement, andere dan de overtredingen die al gevat zijn door artikel 31 §§ 1 en 2 van het decreet over het individueel bezoldigd personenvervoer en door de tabel in bijlage 10 van het besluit van de Vlaamse Regering betreffende de exploitatievoorwaarden voor het individueel bezoldigd personenvervoer, wordt een gemeentelijke administratieve sanctie toegepast, met een maximumbedrag van 350 euro en volgens de wet van 24 juni 2013 en het gemeentelijk reglement op de administratieve sancties.

Hoofdstuk 7 - Slotbepalingen

Artikel 23. Overgangsbepalingen

De houders van vergunningen voor een taxidienst of voor een dienst voor het verhuren van voertuigen met bestuurder, die afgegeven zijn krachtens het decreet van 20 april 2001 betreffende de organisatie van het personenvervoer over de weg, zoals van kracht vóór de inwerkingtreding van dit decreet, worden ertoe gemachtigd hun diensten te blijven exploiteren conform de voorwaarden en gedurende de resterende duurtijd van de lopende vergunning.



Bijlage 1


Bijlage 2